|
Om een juiste diagnose bij een ziek dier te stellen maken
we vaak gebruik van bloedonderzoek. Ook om het verloop
van een ziektebeeld of het mogelijke herstel te beoordelen is deze
onderzoeksmethode van belang. Vele ziektes kun je
zelfs uitsluitend met een bloedonderzoek diagnosticeren en begeleiden
(bijvoorbeeld suikerziekte of schildklierproblemen). Een groot deel van de
bepalingen kunnen we zelf verrichten. Binnen een paar minuten hebben we
dan een uitslag. We kunnen dus heel snel inspelen op eventuele
afwijkingen.
In het bloed zitten heel veel cellen. Deze kunnen we
met een speciale machine tellen. Op deze wijze kunnen we bijvoorbeeld gemakkelijk
een
ontstekingsbloedbeeld aantonen of zien of de patiënt aan bloedarmoede
lijdt. In het bloed kun je soms ook afwijkende
cellen of parasieten (denk bijvoorbeeld aan leukemie of Babesia!) vinden. Zie hieronder bij cytologie!
Verder zitten er veel stoffen opgelost in het bloed. Deze
zijn met een andere machine te meten. Een aantal veel voorkomende ziekte
beelden die op deze manier gemakkelijk aangetoond kunnen worden zijn :
suikerziekte, nier-falen, leverproblemen en schildklier-problemen.
Verder hebben we de beschikking over een aantal sneltesten
waarbij bijvoorbeeld de alvleesklier beoordeeld kan worden of direct
bepaalde ziektes (kat: kattenaids en kattenleucemie en
hond: parvovirus) aangetoond kunnen worden.
Deze laatste testen worden ook veel gebruikt om katten waarmee gefokt
gaat worden te onderzoeken of ze vrij zijn van deze aandoeningen.
Sommige rasverenigingen stellen het zelfs verplicht om deze tests te
doen voor er gedekt mag worden.
Bij alle diersoorten is bloedonderzoek te doen. Alleen bij
de hele kleine knaagdieren is het wat lastiger, daar we toch een
minimale hoeveelheid nodig hebben. Deze kleine dieren (de rat of kleiner)
hebben gewoon niet zoveel bloed.
Hoe we bij een bloedafname
bij een dier tewerk gaan, kunt U op de
betreffende pagina zien. Er is hier voor een poes gekozen maar bij
konijnen, fretten en honden wordt deze techniek op dezelfde wijze
toegepast.
In geval we niet zelf de gewenste bepaling kunnen doen zullen
we het bloed opsturen naar gespecialiseerde laboratoria. Wij maken meestal
gebruik van de diensten van de Universiteitskliniek (afdeling
diergeneeskunde) in Utrecht. De monsters worden 's avonds laat
opgehaald. Meestal is er de volgende dag al de uitslag die we
per email ontvangen. Als we willen weten wanneer een teefje
gedekt moet worden (een teefje is maar een a twee dagen echt
vruchtbaar) maken we gebruik van het ziekenhuis. Van 's morgens
gebracht bloed bepalen zij het progesterongehalte. We krijgen in het begin van de middag de uitslag
zodat we vrij precies kunnen aangeven wanneer de teef dekrijp
zal worden.
| Bacteriologisch onderzoek.
Bacteriologisch onderzoek doen we ook meestal
zelf. Hierdoor winnen we veel tijd zodat een
gerichte therapie sneller ingesteld kan worden. Op
de foto zie je een bacteriekweekje met
daarnaast een gevoeligheidsbepaling (zogenaamd antibiogram)
om de meest werkzame antibiotica te kunnen
uitzoeken. |
| In twijfelgevallen sturen we het
monster naar de Universiteitskliniek in Utrecht.
Omdat zij daar ook bepalen welke bacterie de
oorzaak van de ellende is duurt het wat langer eer er een uitslag gegeven kan worden.
Ook schimmelonderzoek doen we vaak zelf. Nadeel
van schimmels zijn dat ze traag groeien. We kunnen
pas na een dag of zeven de testen aflezen. |
 |
|
|